Layla ~ 6 ~ De manager


Natuurlijk herkende ze de manager. Haar geheugen heeft haar niet in de steek gelaten, helaas. Het is geen slechte man en daarom durft Layla hem ook zelf op te zoeken. Ze weet waar ze hem kan vinden. Ook hij zat toen vast in de vreemde wereld waar zij zich in bevond. Een plek die eerst zo hartelijk en veilig leek, maar ook hij werd meegetrokken in de andere duistere wereld waar het netwerk van Sergio Anatoli aan meedeed. Al een paar weken is Layla genoodzaakt weer die familie op te zoeken. Het is aardig dat ze zo betrokken wordt bij de familie Vlorensteijn, maar dat heeft juist als gevolg dat ze haar laatste pleeggezin moet inschakelen om haar verleden te beschermen.

            Gelukkig is de manager zelf ook bang voor zijn eigen verleden, maar hij heeft het stom genoeg wel tegen Beth Vlorensteijn gezegd. Nadat ze hem heeft gesproken, blijft Layla nog lang nadenken. Het heeft een andere reden dat hij Beth aansprak. Het had niets te maken met Layla’s verleden, maar juist Beth Vlorensteijn. Natuurlijk begrijpt ze dat meteen en ze klopt weer aan op zijn deur. Hij woont in een mooi appartement. Ruim. Modern. Weer wordt ze binnengelaten. Nog steeds ziet hij er goed uit. Iets ouder. Ze zijn tenslotte allemaal zes jaar ouder. Ook zij. 

            ‘Waarom vertelde je het tegen Beth Vlorensteijn?’ Ze durft dicht tegen hem aan te staan. Haar borsten duwen in zijn buik. Zijn ogen hebben weinig nodig om zijn verlangens wakker te schudden. Hoewel ze hoopte dat het niet nodig was, heeft ze toch haar goede jurk aangetrokken.

            ‘Ik ben trots je te kennen’. Zijn handen gaan langs haar arm en dan naar haar zij. ‘Jammer dat je niet ging zingen op het bal. Het had vast fantastisch geklonken. Ik heb Sergio regelmatig gezegd dat ik een ster van je kan maken’.

            ‘Daar heb ik geen interesse in’. Toch lacht ze erom, om hem af te leiden. ‘Ging het je om mij?’

            ‘Natuurlijk’.

            ‘Niet Beth Vlorensteijn zelf’. Ze ziet zijn opgelaten lach. ‘Het is Beth Vlorensteijn…’

            ‘Dat is geen straf, maar ik heb liever jou. Layla Marquez…of moet ik zeggen…’

            Ze legt haar vinger op zijn lippen. ‘Noem mij Layla’.

            ‘Layla…’

            Ze heeft geen keus en ergens wilt ze zijn aanraking. Hij ruikt lekker. Zijn lichaam voelt warm en zelfs zijn aanrakingen voelen zacht en liefdevol. Natuurlijk beseft ze dat het tijdelijk is. Altijd is de liefde die zij ontvangt tijdelijk. Ook deze middag laat ze zijn verlangende aanrakingen toe. Het gaat niet alleen om hem. Het gaat niet alleen om haar. Ze weet dat ze daardoor zijn wegen naar Beth Vlorensteijn kan tegenhouden. Met hem wel. Als ze hem bekijkt, kust ze hem hartstochtelijker. Nu kan het. Ze is twintig jaar. De wereld ligt voor haar open en ze kan alles. Nu ze niet meer vast zit aan Cedric. 

            ‘Eindelijk, Layla Marquez’.

            Bij het zien van zijn bewonderende ogen, weet ze dat haar missie geslaagd is. Hij ziet alleen maar haar. Geen Beth en dat is beter voor Frank Vlorensteijn. Tevreden laat ze zich in zijn warme armen vallen en ze voelt zijn veilige omhelzing om haar heen. Voor even is de kou verdwenen.

Layla ~ 5 ~ Verdwijning


Hij heeft het niet goed gedaan. Al als het einde van het bal nadert, beseft Frank dat steeds meer. Beth is niet lang weggeweest, maar het was voor Frank moeilijk om zich te ontdoen van Celia en Claudette. Beiden kent hij nog uit zijn studietijd en de dames zoeken hem vaak op als Beth verdwenen is. Verdwenen. Waarom Beth nu zo kort weg bleef, dat weet hij niet. Waarom ze weg was, dat weet hij ook niet. Alleen baalt hij van zichzelf. Van de Frank die hij heeft laten zien aan Layla Marquez op het Vlorensteijn-bal. 

            Deze avond drinkt hij wel een whisky. Alleen in zijn werkkamer. Beth ligt al bed. In de limousine hebben ze weinig met elkaar gesproken. Hij neemt het haar kwalijk dat ze weg was. Dat hij weer overgeleverd was aan dames als Celia en Claudette. Ze bedoelen het goed, maar het betekent ook dat ze meer weten over Beths constante verdwijning tijdens de feesten. Al jaren zit dat hem niet lekker. Om dat te verbergen doet hij alsof hij de vrije Frank Vlorensteijn is. Dat is hij niet. Het doet hem zeer dat Beth steeds verdwijnt en hij weet met wie. Ook deze avond was niet veel anders. Pas in de limousine zag hij het aan haar. Celia. Claudette. Layla. 

            Frank draait zijn gezicht naar zijn bureau. Zij had het ook door. Beths verdwijning. Waar was geweest? Wilde hij het weten? Het liefst ontloopt hij de acties van zijn vrouw. De dansen met dames als Celia en Claudette zijn aan de ene kant een goede afleiding, maar deze avond had hij het anders moeten aanpakken. Hij slaat zijn glas achterover en besluit naar bed te gaan. Tot zijn verbazing is Beth nog wakker. Haar armen gaan om zijn middel en ze kust in zijn zij.

            ‘Je bent vroeg boven’. Haar stem klinkt wel slaperig.

            Automatisch haalt hij zijn hand door haar blonde haren. Beth Vlorensteijn-de la Reve. De Brigitte Bardot look-a-like. Het was de reden dat Ella, Layla’s moeder, zo vol van haar was. Beth draait op haar rug en staart hem in het donker aan. ‘Je was weer met Celia en Claudette’.

            ‘Jij was weg’.  De norse klank in zijn stem kan hij niet tegenhouden.

            ‘Ja. Daar was ik al bang voor’. Beth komt een beetje overeind. ‘Het was niet wat je denkt, Frank’.

            ‘Je was niet met een man?’

            ‘Jawel, met de manager van de band. Maar er is niets gebeurd’. Beth gaat liggen en ze legt haar arm over haar hoofd. ‘Kom je liggen?’

            Fronsend kijkt Frank naar Beth. ‘Wat is er met je?’

            ‘Niets. We hebben het bal gehad, ik wil slapen’.

            ‘Beth…’

            ‘Die man kende Layla’.

            ‘Pardon?’

            ‘Hij herkende haar, van vroeger. Toen ze nog veel op stap was met Sergio Anatoli’.

            Een rilling gaat door Franks lichaam. 

            ‘Ze zong toen veel’. Beths stem klinkt zachter. ‘Vaak was de band daar waar hij toen voor werkte. Ik vroeg hoe lang geleden dat was. Hij had het over ongeveer zes jaar terug’.

            ‘En toen?’

            ‘Niets. Ik heb Vlorensteijn gebruikt om haar te beschermen’.

            Eindelijk gaat Frank liggen. ‘Goed zo. Dat is alles?’

            Er klinkt een diepe zucht van Beth. ‘Voorlopig wel’.

Layla ~ 4 ~ Afleiding


‘Ze is er’. Beth tikt Frank met haar ellenboog aan. Ze doelt op Layla. 

            Vanaf de dansvloer ziet Frank haar staan, naast Patriek. Haar arm heeft ze door zijn arm. Ze hadden haar niet eerder gezien. De kinderen waren vanuit de stad vertrokken naar de locatie waar het Vlorensteijn-bal wordt gegeven. Frank knikt alleen. Deze avond kan hij zich niet te veel veroorloven Layla Marquez aandacht te geven. Haar betrokkenheid zit in de dans die hij met Beth heeft voorbereid. Beth pakt hij nu bij de hand en leidt haar verder de dansvloer op. Daar beginnen ze de openingsdans van de avond. Zoals altijd verloopt dit perfect, meer dan perfect. Zelfs met het dansen zijn ze het perfecte paar, vullen ze elkaar aan. Dansen is niet Beths favoriete onderdeel van het bal, maar met Frank lukt het haar altijd de openingsdans te doen slagen. Als ze klaar zijn ziet hij de opluchting in haar ogen. Hij geeft haar een snelle kus voordat ze een buiging maken naar de gasten die allemaal staan om te applaudisseren. De volgende dans begint en nu komt ook Patriek met Layla de dansvloer op. Voor de dans met de kinderen hebben ze andere muziek gekozen en door de zaal klinkt ‘Killer Queen’. In zijn ooghoeken ziet Frank het plezier bij de kinderen. Zelfs bij Fleur en Maurits en opgelucht leidt hij Beth verder door de zaal. Ook zijn broers en ooms lopen nu naar de dansvloer met hun vrouwen. Als hij naar Beth kijkt ziet hij haar emotioneel worden.

‘Wat is er?’ Frank ziet Beth zelden geëmotioneerd.

‘Ella. Ze was een Queen fan’. Beth kijkt hem aan. ‘Dat weet je toch nog wel?’

Frank knikt alleen. Natuurlijk weet hij dat. De eigenzinnige optredens van Ella Donkersloot op de muziek van Queen zal hij nooit meer vergeten.

Samen lopen ze naar hun tafel. Op aandringen van Fleur zit de familie Ten Cate samen met de familie Haghenaer aan de tafel van Frank en Beth. Zowel Frank als Beth vonden het een vreemde indeling, maar ze zijn ingegaan op Fleurs verzoek. 

Na afloop van de dans komen de kinderen naar ze toe om ze te begroeten, ook Layla loopt met ze mee en ze raakt in gesprek met Victoria en Anton Ten Cate. Frank vangt het gesprek op en hij hoort dat Anton vraagt naar Layla’s werk als freelancer. Verrast mengt hij zich in het gesprek. ‘Freelancer?’

‘Layla is al betrokken bij een van onze zaken als tolk’. Anton legt zijn hand op Layla schouder. ‘Deze dame gaat het ver schoppen, Frank’.

‘Je bent een drukke dame, het is bewonderenswaardig om te zien’. Victoria geeft een lichte aai over Layla’s wang. Waarop Layla bescheiden haar ogen neerslaat. Daarna loopt ze mee met Patriek naar zijn tafel. De rest van de avond ziet Frank Layla haast niet meer. Ze is voornamelijk aan Patrieks zijde. Dankzij Patriek maakt ze kennis met de wereld van Vlorensteijn, de contacten en dat is precies waar Frank haar wilde.

Als hij terugloopt van het toilet loopt hij Layla tegen het lijf in de hal.

‘Je doet het goed’, zegt hij alleen.

‘Jij ook, Frank’. 

Samen lopen ze weer de zaal in. Voordat ze weer naar Patriek loopt, draait ze zich naar Frank. ‘Dank je wel dat ik hier mag zijn, meneer Vlorensteijn’.

Hij zegt niets, tikt alleen op haar wang en knikt naar haar. Samen lopen ze naar de zaal. Daar zoekt hij Beth, maar hij ziet haar niet. Zoals vaker op feesten.

‘Waar is Beth?’ Klinkt Layla’s lieve stem, maar hij kan geen antwoord geven. Ook omdat hij wordt afgeleid door Celia Ten Cate, de zus van Victoria. Die hem de dansvloer op trekt. De rest van de avond ziet hij Layla niet meer. Alleen de dames die hem altijd afleiden van het gedrag van Beth.

Layla ~ 3 ~ Het bal


Nog steeds is Layla Marquez in zijn huis. Maar meer omdat zijn dochter erop aandringt. Al een tijd heeft Frank Maurits, de vriend van Fleur, niet meer gezien. Alleen Layla. Als hij ernaar vraagt, hoort hij dat Maurits druk is met zijn jaarclub. Blijkbaar brengen die steeds meer tijd met elkaar door en daar blijft het bij. Ook Layla kan hij hierin niet lezen, maar Frank is opgelucht als duidelijk is dat Fleur wel met Maurits bij het Vlorensteijn-bal aanwezig is. Het brengt hem direct op een idee. ‘Layla, jij bent ook uitgenodigd bij het Vlorensteijn-bal’, zegt hij aan tafel, waarop Layla zich verslikt in haar eten.

            Proestend slaat Fleur op haar rug en ook Beth moet lachen. ‘Dat is aardig van je, pa. Lay, doe je dat? Het is de beste wraak.’

            ‘Wraak?’ Vraagt Layla schor. Ze pakt haar glas water. ‘Naar mij bedoel je?’

            ‘Nee’, giechelt Fleur. ‘Naar Donkersloot’.

            ‘Ik vind het een goed idee’, zegt Patriek. ‘Dan ben je mijn date’.

            Layla neemt een paar slokken. ‘Ik heb geen geld voor een jurk’.

            ‘Dat regelen we wel’, stelt Frank haar gerust en wisselt een blik met Beth. ‘Dus je bent er bij?’

            ‘Wil je niet liever iemand anders als date?’ Vraagt Layla aan Patriek.

            ‘Ik zou niet weten wie’.

            ‘Ik wel’. Met een ondeugende lach neemt Layla weer een hap van haar eten.

            ‘Nee, ik vind het goed om jou mee te nemen. Dat is voor jou ook prettiger, zeker tijdens jouw eerste introductie op het Vlorensteijn-bal’. Patriek kijkt om zich heen en zowel Frank als Beth knikken hun hoofd.

            ‘Goed’, mompelt Layla.

            ‘Goed? Dus je gaat!’ Roept Fleur uit. ‘Jee’, ze valt om Layla’s nek heen.

            Frank lacht om zijn dochter. ‘Dat is dan geregeld’. Hij voelt Beths hand in de zijne, maar hij laat los. Meteen voelt hij de sfeer omslaan. Daarom legt hij zijn arm om Beth heen. ‘Lukt het jou met de voorbereidingen?’ Hij aait over haar rug.

            ‘Dat loopt goed. We moeten alleen de muziek nog selecteren voor onze dans’.

            ‘Oh ja’, zegt Layla dromerig. ‘Dan zie ik eindelijk de dans van de grote Frank Vlorensteijn en de gevreesde Beth Vlorensteijn. Mag ik helpen?’

            ‘Helpen? Waarmee?’, vraagt Beth.

            ‘Jullie dans?’

            Automatisch kijkt Frank naar Beth die net op dat moment hem aankijkt. ‘Ik vind het een goed idee’. Hij drukt Beth tegen zich aan. Het misselijke gevoel dat bij hem naar boven komt, probeert hij te onderdrukken. Denkend aan de lieve Beth van vroeger. Die hem steunde, hem troostte, hem aanmoedigde. De Beth die de plaats van Ella Donkersloot in nam. De andere Beth moet hij wegdenken, voor nu. ‘Wat denk je, lieverd?’ Hoort hij zichzelf zeggen. 

            ‘Ik vind het een goed idee’. 

            Bij het zien van Beths glunderende ogen, gebeurt de rest weer vanzelf. Hij geeft haar een kus. Nog steeds geeft hij om deze vrouw, ondanks haar afschuwelijke streken.

Layla ~ 2 ~ Zijn hart

Het kapitaal is niet voor mij. De woorden blijven zich in het hoofd van Frank Vlorensteijn herhalen. De dag is volledig anders verlopen. Hij had gehoopt eindelijk het leven van Layla Marquez om te kunnen keren. Haar eindelijk rust te geven met het kapitaal dat nog beheerd werd door Florian, Anton en hem. Maar natuurlijk wist Layla meer van het kapitaal van Marquez en zij, Layla Marquez, kon daar niet bij. Natuurlijk had ze het kunnen opeisen. Alleen Marquez zou dit niet accepteren. Layla zou alleen aanspraak hebben op het kapitaal als ze volledig opgenomen zou zijn geworden in de familie Donkersloot, de familie van haar moeder. Op initiatief van de familie Donkersloot. Als zij haar ware familie zijn, dan waren ze hier en dan zou ze ook toe mogen treden tot de familie Marquez met haar kapitaal.

Dit keer staat er geen glas whisky op de armleuning van zijn stoel. Hij wilt zijn hoofd helder houden. Bedenken hoe hij ervoor kan zorgen dat hij Layla’s leven kan verbeteren als Frank Vlorensteijn. Als hij uit het raam kijkt, ziet hij zijn eigen spiegelbeeld in het raam. De grote Frank Vlorensteijn. Hij is op de hoogte van deze naam. Hij weet ook wie met deze naam is begonnen. Layla Marquez. Vanaf het begin had hij dat al door. De kleine Layla noemde hem altijd grote Frank. Het was niet moeilijk te raden. Hoeveel ze voor hem heeft gedaan, zelfs tijdens haar eigen moeilijke jaren. Blijf groots, grote Frank.

Zo groots is hij niet. Nog steeds heeft hij Layla niet kunnen herenigen met haar beide families. Hij faalt. Altijd bij Layla. Net als bij Ella, haar moeder. Ella. Als hij in zijn hart kijkt, dan weet hij de waarheid. Dat zei Ella altijd over haar eigen vader. Ze ging nooit smeken om terug te komen. Zij wist de waarheid. Vlorensteijn wist de waarheid. Donkersloot geloofde de smerige roddels die verspreid werden over Ella, de oudste dochter en hij zette haar op straat.

Zijn hart. Zijn hart. Frank rekt zich uit. Zijn rug. Zijn nek. Buigt zijn rug en strekt zijn armen voor zich uit. Als je in je hart kijkt, dan weet je de oplossing lieve Frank. Zijn hart. Al jaren luistert hij daar niet meer naar. ‘Wat zegt mijn hart?’ fluister Frank zacht, terwijl hij zijn ogen op de vloer van zijn werkkamer houdt. Langzaam staat hij op uit zijn stoel, loopt naar zijn kast en haalt een boek uit een la. Het boek ligt verborgen onder een stap oninteressante mappen. Het oude fotoboek met ook de foto’s van Ella Donkersloot.      In gedachten bladert hij door het boek tot hij een foto tegen komt. Van Ella en hem samen. Het was zijn verjaardag. Een paar weken voor Beth in zijn leven verscheen. Een paar weken na zijn afschuwelijke ervaring in de kelder van zijn ouders, door de achterlijke fout van zijn broers. Ella. Layla. Hij bergt het boek weer op en zoekt Layla op die in haar kamer in de nis zit.

Ze hoort hem binnenkomen en direct schitteren haar bijzondere groene ogen zijn richting op. Haar donkerbruine haren vallen golvend over haar schouders. Afwachtend draait ze naar hem toe, haar benen hangen over de bank heen.

Met een zucht gaat Frank naast haar zitten. ‘Donkersloot is niet hier. Vlorensteijn wel. Wij zijn hier. Ik ben hier. Ik laat je niet meer gaan, Layla Marquez. Ook als ik de wereld over moet reizen om jou bij Vlorensteijn toe te laten dan doe ik dat. Ik weet dat het Donkersloot moet zijn, die dit doet. Ik weet dat ik je daarmee Marquez niet kan geven, maar ik doe het. Jij hoort bij Vlorensteijn. Vlorensteijn is er voor jou. Ik ben er voor jou. Het spijt me, van alles’.

Eindelijk durft hij Layla aan te kijken. Bij het zien van haar mooie verdrietige lach, voelt hij zich warm worden. Het is een gevoel die hij nooit meer wilt loslaten.